‘Hekboomfeest’
aanpak/methode 2006

Talloze verscheurde verpakkingen liggen op de grond. Aan de St. Josephstraat bevindt zich deze goed verstopte plek. Goed verstopte plek? Ja, kijkt men namelijk van veraf dan lijkt er niets aan de hand achter het groene hek links van de boerderij. Maar van dichtbij zie je door het hek dat er zich veel zwerfvuil tussen de planten schuilhoudt. Middenin de lagere vegetatie en achter het hek staat ook een grote boom. Waar normaal in de herfst blaadjes van deze boom liggen, is nu een veelvoud aan rotzooi te vinden. Het is alsof er een feest op een onmogelijke plek heeft plaatsgevonden. Een aantal kunstig geplakte ballonnen op het eerste raam van de boerderij lijkt dit te bevestigen. Tel daar als laatste aanwijzing de confetti – als relikwie van het feestgedruis – bij op en alles wijst op een recent hekboomfeest.

 
Aan de andere kant van de straat staat pontificaal een wit gebouw. Het woord Casino dat in het glas-in-lood is verwerkt, duidt op een vorige functie: een gokhal. De uitstraling van een casino heeft het gebouw niet meer: hier is sprake van vergane glorie. Hoewel het brandmerk –in de vorm van dit naamplaatje– is gebleven, moet het gebouw tegenwoordig wel een ander doel dienen. De voormalige gokhal is van zichzelf te mooi om er zonder schaamte met slordig bedekte ramen bij te staan. De huidige eigenaar verzorgt het statige gebouw niet goed. Ondanks alles is de potentie nog wel af te lezen aan de uitstraling die het gebouw heeft.. Vroeger moet dit gebouw als een maagdelijk witte parel bij het kruispunt hebben gestaan. Er is de laatste jaren echter nauwelijks onderhoud gepleegd. Zienderogen verloedert het gebouw. Het wit bladdert af en toont naakte muren. Mos neemt deze plek nu dankbaar in.

Opvallend aan dit gebouw is dat aan elke kant wel minstens één bordje met een vijfletterwoord te zien is. Eenmaal is de slogan ‘niet te stoppen!’ toegevoegd. Het vijfletterwoord – PLATO – verwijst voor buitenstaanders naar de beroemde Griekse filosoof. Het gebouw in ogenschouw nemend, valt te concluderen dat hier geen filosofisch genootschap gehuisvest is. Het klopt wel dat filosofen niet te stoppen zijn, toch lijkt het mij zeer onwaarschijnlijk dat zij deze boodschap middels zo’n muurbekladding wereldkundig trachtten te maken.
Het feit dat er twee keer een uithangbord met een dommelsch bier-logo aan de gevel is bevestigd en het ontbreken van andere verwijzingen naar bezigheden, duidt erop dat er vooral bier gedronken wordt daarbinnen. Ook is er een groen bordje boven een witte deur te zien. De deur bevat aan de buitenkant geen klink en biedt in geval van nood alleen van binnenuit een uitweg. Mits vrijgehouden aan de buitenkant. Dat is de boodschap van het groene bordje.
Parkeerruimte is er niet voor auto’s, wel is aan de linkerachterzijde genoeg plek om een flink aantal fietsen te stallen in de daarvoor bestemde rekken. Een studentikoze horeca-uitstraling kleeft van alle kanten aan het gebouw.
Aangezien de locatie regelmatig voor feesten gebruikt zal worden, is het vreemd dat er aan die zijde van de straat geen confetti of allerlei andere herinneringen aan het feestgedruis te zien zijn op de stoep. Die overblijfselen zijn aan de overzijde van het kruispunt – naast de boerderij – wel aanwezig, al kun je dat van een afstand niet zien.

De feestresten worden verhuld door een hekwerk. De groene poort is namelijk haar functie als tijdelijke doorgangverlener kwijtgeraakt. Het hekwerk (want meer is het nu niet) is ongeveer 1.80 meter hoog en heeft spierwitte, puntige uiteinden. Boven die hoogte weet de boom gestaag te groeien richting de straatkant. Ook laat het hek de natuur door haar heen groeien van het afgesloten privégebied naar de open publieke ruimte.
Met de lege verpakkingen afkomstig uit de publieke ruimte gebeurt het omgekeerde: deze belanden achter het hek tussen het groen en beginnen er langzaamaan de overhand te krijgen. Het hek vormt op deze manier geen scherpe scheiding tussen publiek en privé: het is hooguit een poging tot. De groene kleur zorgt er wel voor dat het hek een geleidelijke overgang biedt van het stadse beeld naar de groene tuin.

De functie van het hek is, naast het in stand houden van de symmetrie, vooral het verhullen van de rommel die erachter ligt. Deze nieuwe maar ook onbedoelde functie wordt met verve vervuld. Op welke plek bij het kruispunt je ook staat, wanneer je kijkt naar deze vroegere poort zie je slechts een groen oppervlak. Het hek houdt niet alleen tastbare indringers tegen, maar lijkt ook je blik niet toe te willen laten tot dat wat erachter verborgen ligt. Je zou zo kunnen vermoeden dat er niks te zien valt. Als je echter van dichtbij door het hek heen kijkt, ontdek je de maskerade. Je ziet hoe de groene omheining de rotzooi probeert te verhullen. Alleen als je de tijd neemt om goed om je heen te kijken kun je het opmerken. Kijk, daar heb je het nut van de semioticus te pakken. Waar iedereen vluchtig voorrang probeert te nemen op dit kruispunt en de omgeving hooguit even vluchtig scant, daar staat de secure waarnemer vooralsnog alleen. Al observerend stelt hij dat de rommelige situatie achter het hek, contrasteert met het straatbeeld. Een straatbeeld dat voor een deel is opgebouwd uit andere decorstukken waar je niet altijd achter kunt kijken.

De hoeve vormt veruit het grootste decorstuk. Het gebouw springt dan ook in eerste instantie vooral in het oog door de fikse omvang in verhouding tot andere huizen in de directe omgeving. Gun je het een tweede blik dan wordt duidelijk dat de omgeving van het gebouw een ander karakter en een andere historie kent. Deze situatie - het samenkomen van twee uitersten - schept een aantal contrasten: tussen rust en drukte, tussen platteland en stad, en in zekere zin ook tussen oud en nieuw.
De boerderij is van een vroegere makelij dan de omliggende gebouwen. Uit de tijd dat het brood niet in kantoren maar op het land verdiend werd. Het lijkt ingebouwd te zijn geraakt door een uitbreidende stad, getuige de nieuwere huizen aan de St. Josephstraat. De boerderij heeft zelf net als de huizen in de omgeving een voordeur aan de straatkant. Naast de deur bevindt zich een tweetal ramen dat, hoewel voorzien van luiken, geen enorm verschil vormt met enig ander raam van een woonhuis in deze buurt. De schuur bevindt zich onder hetzelfde dak als het huis. Op de muur is een vage indicatie van een afscheiding te zien. Er zijn geen tekenen dat er landbouw bedreven wordt in het boederijachtige gebouw. Het is aannemelijk dat de oude functie van de boerderij, als centrum van het boerenbedrijf, is vervangen door de functie van louter woonhuis.

En niet alleen bij de boerderij is een functieverandering opgetreden. De tijd heeft ervoor gezorgd dat gebouwen en elementen rondom het kruispunt een andere functie hebben gekregen. Het witte gebouw was ooit een casino, maar is nu geënterd door studenten die onder de noemer PLATO vallen. Het is een plek gebleven waar mensen samenkomen voor een avondje uit, maar het roulettespel is verdwenen. Het hek is ook een deel van de functie kwijtgeraakt. Open kan het niet meer. Wel vormt het nog een afscherming tussen het privé-gebied en de publieke ruimte. Een deel van de functie van hek, boerderij en casino viel weg of veranderde. Maar ze schikken zich dapper in hun nieuwe rol.


 Nathan de Groot
15-08-2006

reageer op deze tekst
meer weten over semiotiek?


 
 Bart Doreleyers
over de Koopboulevard Leyparc
over de AaBé-fabriek

 Irene Habets
over de historische tekens bij St Josephstraat 64a en omgeving
over de Koopboulevard Leyparc

 Jacolette Kloppers
over de St Josephstraat

 Nathan de Groot
over de Hoevenseweg

 Tom van Nuenen
over de Prinsenhoeven 5 (dealer)
over de St Josephstraat / Oisterwijksebaan